Onrechtmatige uiting, smaad, laster, politicus, gemeente, publiek persoon, feitenmateriaal, facebook

Rechtbank Amsterdam 21-12-2016, IEF 16445

Gedaagde is uitbater van een café dat op last van de gemeente (eiser) wordt gesloten. Gedaagde noemt de betrokken wethouder in een Facebook-post o.a. ‘corrupt’, ‘leugenachtig’ en ‘de Jos van Rey van gemeente X’. Ook zou de wethouder “samenspannen met X om geld op slinkse wijze weg te sluizen naar zichzelf via partij Y”. De gemeente eist verwijdering van de Facebookpost. Voor het antwoord op de vraag of het recht op vrijheid van meningsuiting of het recht ter bescherming van de eer of goede naam dient te prevaleren, moeten de wederzijde belangen worden afgewogen met inachtneming van alle relevante omstandigheden van het geval. De rechtbank oordeelt dat de kwalificatie ‘corrupt’ alsook de mededeling dat de wethouder zou hebben “samengespannen om geld op slinkse wijze weg te sluizen (…)” in de gegeven omstandigheid, wegens ontbreken van feitelijke onderbouwing, onrechtmatig is. Hoewel de andere beschuldigingen niet onrechtmatig zijn, oordeelt de rechtbank dat de Facebookpost als geheel onrechtmatig wordt geacht omdat de uitlatingen onverbrekelijk met elkaar zijn verbonden. Vonnis: verwijdering Facebook-post + dwangsom + veroordeling gedaagde in de proceskosten.