Eenvoudige belediging, artikel 261 strafrecht, tweet, ruchtbaarheid, onnodig kwetsen en belediging, beschermingswaardige meningsuiting

Rechtbank Limburg 22-08-2016 ECLI:NL:RBLIM:2016:7288

Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan eenvoudige belediging, terwijl de belediging wordt aangedaan aan een ambtenaar ter zake van de rechtmatige uitoefening van haar bediening. Hij heeft een officier van justitie beledigd, door een tweet op Twitter te plaatsen waarin hij haar vergelijkt met Irma Grese; een SS-kampbewaarster uit de Tweede Wereldoorlog. Verdachte heeft hiermee de eer en goede naam van de officier van justitie aangerand, met het kennelijke doel om daaraan ruchtbaarheid te geven. Slachtoffer heeft aangifte gedaan van smaad en laster van van belediging van een ambtenaar in functie. Zij vindt de belediging heel grievend en het raakt haar persoonlijk. Het gaat in deze zaak om een publiek debat tussen burgers op Twitter. De tweet van de verdachte houdt naar het oordeel van de rechtbank de intentie van verdachte om een negatieve kwalificatie te geven van de persoon van de officier van justitie. De rechtbank ziet niet in hoe de uitlating, die onnodig kwetsend en beledigend is, een bijdrage kan leveren aan een maatschappelijk debat. Van een beschermingswaardige meningsuiting is dan ook geen sprake. Vonnisgeldboete van € 500,-, waarvan € 250,- voorwaardelijk, met een proeftijd van twee jaren. http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBLIM:2016:7288