Concurrentiebeding, Gestapo, e-mail, geen noodzaak derden te informeren, te ruim geformuleerd

Rechtbank Midden-Nederland 20-11-2013 ECLI:RBMNE:2013:7197

gedaagde is een voormalig medewerker van eiser. Na een conflict over het nog van kracht zijnde concurrentiebeding heeft gedaagde een e-mail naar diverse partijen gestuurd waarin hij eiser, onder meer, vergelijkt met de Gestapo. Daarenboven heeft gedaagde een oproep op Google geplaatst. Het kan gedaagde worden aangerekend dat hij in het e-mailbericht onnodige grievende bewoordingen gebruikt. Dat klemt des te meer nu gedaagde de e-mail ook heeft verzonden naar personen die niet direct bij het conflict betrokken waren. Van enige noodzaak om deze derden bij het geschil te betrekken, althans hun op de hoogte te stellen van de mening van gedaagde is niet gebleken. De voorzieningenrechter is derhalve van oordeel dat de grenzen van het toelaatbare zijn overschreden. De vordering om gedaagde te verbieden andere partijen enige informatie te verschaffen over het conflict is te ruim geformuleerd en zou een te grote inbreuk op de rechten van gedaagde vormen. Gedaagde is namelijk in beginsel vrij iedereen verslag te doen van zijn geschil, zolang hij daarmee niet het maatschappelijke onbetamelijke overschrijdt. Deze vordering wordt om die reden afgewezen. Vonnis: Verbiedt gedaagde het doen van beledigende, lasterlijke of bedreiging uitingen. Vonnis(rechtspraak.nl)